Meer dan tachtig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog zullen de Belgische staat en de NMBS zich moeten verantwoorden voor de Brusselse rechtbank. De spoorwegmaatschappij kreeg van de Duitse bezetter immers geld om de deportatie van (vooral) Joden naar de vernietigingskampen mogelijk te maken. Omwille van die betalingen wordt er nu een schadevergoeding geëist. Als het tot een veroordeling komt, kan het bedrag dat de staat en de NMBS moeten ophoesten, oplopen tot miljoenen euro’s.
