Bekerheld, zes doelpunten in de play-offs en in november zijn debuut als Rode Duivel: zeggen dat 2025 het jaar van de grote doorbraak was voor Romeo Vermant is een understatement. Ook het nieuwe jaar begon veelbelovend, met een goal in de Champions League. Intussen ziet hij zichzelf al als eerste spits van Club Brugge. Tegelijk leerden we ook de mens achter de naam kennen: een leuke, enthousiaste jongeman die veel meer is dan zomaar ‘de zoon van’. In een openhartig gesprek, op de vooravond van een voor Club cruciaal tweeluik in de Champions League en vlak voor zijn 22ste verjaardag, toont Vermant zich meer dan ooit als een talent met niet alleen scorend vermogen, maar ook met een warm en oprecht karakter.
Club Brugge heeft er een lastige week opzitten. Eerst gingen ze er tegen Charleroi verrassend uit in de beker, enkele dagen later verloor blauw-zwart in eigen huis van promovendus La Louvière. Dinsdag was het dan ook van moeten tegen Kairat Almaty in het verre Kazachstan. Gelukkig liep het eerste deel van het belangrijke tweeluik in de Champions League – volgende week wacht Marseille – goed af.
Beginnen doen we met een klotevraag. Als je had mogen kiezen: doorgaan in de beker of doorgaan in de Champions League?
“De beker. Dat was naast de titel een duidelijk doel en het gaat uiteindelijk altijd om prijzen winnen. En er is maar één kans op een miljoen dat we de Champions League kunnen winnen, zeker? (lachje). De beker maakte vorig seizoen veel goed, maar die valt nu weg. Geen prijs zou toch een mislukt seizoen betekenen. Al willen we natuurlijk ook nog zo ver mogelijk doorgaan in de Champions League.”
Even terug naar 2025… Dat je in het seizoen 23-24 nog bij Westerlo speelde, was ik al bijna vergeten.
“Die zes maanden dat ik verhuurd werd, had ik blijkbaar echt nodig om te beseffen wat ik precies wilde. En dat was: bij Club Brugge doorbreken! En dat is vanaf oktober, met die goal tegen Anderlecht, goed gelukt. Al kwam ik er pas de laatste maanden van het seizoen helemaal door. Daarvoor zat ik te vaak op de bank, speelde ik ook voor Club NXT, om wedstrijdritme op te doen.”
Je vader zei dat je een type bent voor wie net als voor hem indertijd wedstrijdritme heel belangrijk is.
“Dat geldt voor de meeste spelers, denk ik. Ik heb toch twee, drie matchen na elkaar nodig voor de beste versie van Vermant. Ik weet van mezelf dat ik het kan, maar zeker als spits moet je ook het vertrouwen voelen van de coach.”
Komen we bij Ivan Leko in plaats van Nicky Hayen. Je maakte meteen vier goals in drie matchen.
(denkt na) “Het is een andere stijl. Met Nicky hebben we goede dingen gedaan, maar Leko is is als persoon gewoon anders. Leko straalt misschien iets meer passie uit en dat zit ook wel in mijn speelstijl. En ik voel heel veel vertrouwen.”
Het stapje dat nodig is om de vriendelijke concurrentie met Tresoldi te winnen? Of wacht: je bent zaterdag jarig. Is jouw mooiste cadeau nu: de rest van het seizoen spits nummer 1 van Club?
“Ik begrijp dat daar al veel rond te doen was en is, maar in mijn hoofd ben ik dat wel. Toen ik in de zomer geblesseerd geraakte, deed Nico het goed en verdiende hij het te blijven staan maar na mijn blessure ben ik intussen gewoon weer fit.”
Een echte Rode Duivel moet bij Club altijd basisspeler zijn, toch?
“Eerlijk: ik was superblij met mijn debuut en eerste cap bij de Duivels (Vermant viel in Kazachstan in de laatste minuut in, red.) en heb nu wel die status, maar ik vóél me nog steeds geen Rode Duivel. Daarvoor moet ik nog meer bewijzen, vind ik.”
“Leko straalt misschien iets meer passie uit en dat zit ook wel in mijn speelstijl”
Zeg niet dat je ’s morgens in jouw badkamer nooit denkt: fuck, ik wil mee naar het WK deze zomer. Garcia die op 24 januari belt: ik neem je mee, Romeo, dat zou het mooiste verjaardagscadeau zijn.
(lacht) “Sowieso. Maar ik besef dat ik daarvoor de rest van het seizoen voor Club nog verder goed moet presteren en trachten veel goals te maken. En het in de Champions League goed doen. Ach, het mooiste verjaardagscadeau voor mij blijft toch: zoveel mogelijk bij mijn familie kunnen zijn.”
Mooi. Je woont intussen alleen. Alleen alleen?
“Er is iemand, ja maar sorry, dat is voor mij privé.”
Geen sorry nodig hoor. Maar vertel eens over die hechte band met je ouders en zus Elena, vijf jaar ouder?
“Elena is voor mij deconnecteren van het voetbal. Met haar praat ik niet over voetbal. Daar ben ik al bijna dag en nacht mee bezig en daarvoor heb ik papa. (lacht) Zij heeft samen met haar man een bakkerij, ik praat daar graag over met haar. Ik ben ook peter van haar dochter. Ik ben gek op Maeze. Alsof ze mijn eigen dochtertje is.”
Haha, Romeo Vermant wil niets zeggen over zijn lief maar worstelt wel al met een kinderwens!
(lacht) “Maeze zien opgroeien, vind ik heel speciaal. Zoals onze familieband ook bijzonder is. Zoals mama en papa dat ook willen.”

Sven oogt buitenhuis nochtans altijd zo strak en stuurs.
“Inderdaad volledig anders. Dan ben ík euh… frivoler? Extraverter, vooral. Maar binnen het gezin is hij de warmste papa die je je kunt indenken.”
Was je als kind ook al zo ‘frivool’? Op school altijd onnozel doen?
“Zou wel kunnen. Er vooral voor zorgen dat men plezier in het leven heeft. Nu nog. Het leven moet niet al te serieus zijn, hé? We zitten al genoeg met altijd die druk van winnen… winnen! Als die knop constant aanstaat, word je zot.”
Wordt die mentale druk op topvoetballers onderschat?
“Dat vind ik wel. Om de drie dagen een match waarin je topfit moet zijn: zoveel kilometers moet kunnen lopen aan hoge intensiteit enzovoort… De 20.000 toeschouwers die dat verwachten… Iedereen die zijn zeg doet achteraf, positief maar ook negatief… En per seizoen zo’n vijftig matchen… Maar ik klaag niet hoor. Ik was er gisteren nog met Brandon over bezig: hoe content wij mogen zijn met het leven dat wij hebben.”
“We zijn in de kleedkamer met meer dan vroeger, ze krijgen hier de West-Vlamingen niet uitgeroeid!”
Al zegt juist Mechele: voetballen is alleen plezant als je wint.
“Begrijp ik. Men heeft geen weet van de spanning de dagen voor een match. Van het piekeren. Één foutje kan over winst of verlies beslissen, hé Ik was in de bekerfinale de held maar ik had evengoed de anti-held kunnen zijn. Gelukkig zit in mijn hoofd nooit het pad naar anti-held. Ik ga altijd uit van het positieve.”
Ok, terug naar je verjaardagscadeau zaterdag. Jij bent niet zeer into luxedingen, begreep ik.
“Neen. Ik hou wel van mooie horloges, ik heb er nu drie. En ik kleed me wel graag op, maar ga nooit voor dure merken. Dan liever Menyard bijvoorbeeld: ook mooi maar betaalbaar. En ik woon in een huisje in een rustige buurt in Knokke. Waar ik mij goed thuis voel trouwens. Alles netjes in orde. Ja, heb ik van mijn papa.” (lacht)
Intussen maakte je van immobiliën ook een aardig bijberoep, niet?
“Mijn absolute focus ligt op mijn voetbalcarrière maar naar de toekomst toe is bijvoorbeeld flats kopen, renoveren en dan weer doorverkopen iets dat me wel interesseert. Een profvoetballer verdient goed, dan moet je dat geld ook trachten verstandig te investeren.”
Hoeveel vastgoed heb je intussen al?
“Dat is wel een heel persoonlijke vraag en daar doe ik dan ook geen uitspraken over. Maar ik ben er wel mee bezig, ja. Ik weet dat de prijzen momenteel weer serieus aan het stijgen zijn.”
Hoeveel kost een garagebox in Knokke, denk je?
“Hum… rond de 100.000 euro?”
Vandaag staat in de krant: 325.000 euro.
“Serieus? Dan toch in Knokke-Zoute…?”
Juist, je kent er wat van.
“Ik tracht zo goed mogelijk op de hoogte te zijn, ja.”
Je pa komt uit de Kempen, je bent geboren in Gelsenkirchen, Duitsland, maar je zal altijd terugkeren naar West-Vlaanderen?
“Sowieso. Ik woon al bijna heel mijn leven in Knokke, ik ben echt een kustboy. En door Club zal ik altijd een Bruggeling blijven. 100 procent West-Vlaming dus (in dialect) Ik spreek met mijn maten ook altijd plat West-Vlaams hoor. Hier met Mechele, Seys, Sabbe, Sandra… (lacht) Behalve als er Nederlanders in de buurt zijn dan moeten we (geaffecteerd) be-schaafd prrraten, hé. Maar we zijn weer met meer dan vroeger, ze krijgen hier de West-Vlamingen niet uitgeroeid!”

Iets anders: je toekomst. Je tekende al bij tot 2028 en je hebt blauw-zwart bloed. Maar je droomclub blijft Schalke 04, waar je vader vijf jaar speelde.
“Niet meer. Dat ligt moeilijker sinds ze in de tweede Bundesliga spelen. Het blijft mijn lievelingsclub maar mijn ambities mogen hoger liggen, vind ik.”
Het kan snel gaan: vorige week vertrok Furo, nauwelijks 18 jaar en hier nog derde spits, plots voor 10 miljoen naar Brighton. Wat denk je dan? Ik ben eerste spits en ook nog maar 21!?
“Hij is een goeie kerel, het is een mooie transfer en hij heeft de mogelijkheden om het waar te maken. Ik denk dan vooral: hopelijk wordt Kaye goed begeleid. (denkt na) Ik denk wel dat ik klaar ben voor een buitenlands avontuur. Dit seizoen bevestigen bij Club was de prioriteit, komende zomer zien we dan misschien verder. Maar alleen voor een echte stap hoger zou ik hier willen weggaan. En het zal nog niet makkelijk zijn: mijn overgrootvader, mijn grootvader en mijn vader voetbalden voor Club, hoe meer ik er over nadenk, hoe specialer ik het vind dat ik de vierde generatie mag zijn.”
Tot slot, ben je liever een pleaser dan een poacher?
“Poacher is de Engelse term voor een spits die aartsgevaarlijk is in de 16 meter, niet? Doe maar beide!” (lacht)
Leko zei mij laatst dat hij later liever wilde herinnerd worden als een goed mens dan als een goede coach. Iets in mij zegt dat je ook zo in elkaar steekt.
“Sowieso. Laatst ontmoette mijn mama iemand die haar zei: jouw zoon is toch een ongelooflijk sympathiek mens! Dat is toch het mooiste compliment dat je kan krijgen? En mijn papa zegt ook altijd: het menselijke eerst! Mijn identiteit is niet ‘voetballer’. Mijn identiteit is Romeo, de zoon van Stefanie en Sven en ik probeer een zo goed mogelijk mens te zijn.”
Heb je hen eigenlijk nooit jouw voornaam kwalijk genomen?
“Neen hoor. Romeo is toch speciaal? En romantisch! Ik weet niet eens waarom ik die naam kreeg, maar het zal wel ergens met Romeo & Julia te maken hebben, zeker?”
De tweelingdochters van Leko, ongeveer even oud als jij, zijn nóg niet te spreken over hun voornaam. Nora en Dora!
(schatert) “Serieus!? Dat onthoud ik!”
The post “Ik wil vooral een goed mens zijn”: op zoek naar de échte Romeo Vermant, veel meer dan Club-spits en ‘zoon van’ is provided by KW.be.
