De Belgian Lions openen donderdagavond tegen Frankrijk hun EK basketbal. Sinds 2018 is Dario Gjergja coach van onze nationale basketploeg. Maar in Oostende is de Kroaat helemaal een icoon. Veertien opeenvolgende landstitels en alles samen 30 trofeeën met BC Oostende, dat wordt in de Belgische sportgeschiedenis nooit meer benaderd, laat staan geëvenaard. Injuni wisselde hij na veertien jaar zijn geliefd Oostende voor het Franse Limoges, vorige week werd hij 50 jaar: tijd voor een eresaluut voor de universitair uit Zadar.
Uiteraard staat Dusan Djordjevic als nummer één op jouw lijst van spelers die je nooit zal vergeten.
“Op het titelfeest zei ik inderdaad dat er zonder Dusan wellicht geen Dario zou zijn. Dat beweerde ik op basis van wat we die vele seizoenen opgebouwd hebben, onze relatie, onze eerlijkheid, het vertrouwen in elkaar, puur respect en uiteindelijk ook pure liefde. Echt waar.”
Aan wie denk je nog bij de allerbeste BCO’ers in die veertien jaar?
“Het is moeilijk om die nu allemaal op te noemen. Brent Wright, Dragisa Drobnjak… Voor de wijze waarop ze werkten en hoeveel tijd ze investeerden om beter te worden. Ik zal ook altijd van Wes Wilkinson houden. Zijn niveau was de Euroliga, niet Oostende en Charleroi. We waren gezegend dat hij bij ons baskette. (denkt na) Sommige supergetalenteerden, ik denk aan Matt Lojeski, bouwden een knappe carrière uit, anderen slaagden daar niet in. Blessures spelen daarin vaak een grote rol. Zo vergeet ik nooit Nedim Buza die een van de grootste Europese talenten was maar door enkele blessures niet het hoogste niveau kon bereiken.”
“Ik had Sam Van Rossom overtuigd zijn carrière in Oostende af te ronden. Titel, BNXT-titel en Supercup!”
Toen je naar Oostende kwam, bleven spelers vaak verscheidene seizoenen bij BCO. De laatste jaren vertrokken ze vaak na één seizoen en moest je elke keer een nieuwe kern kneden.
“De jongste zeven seizoenen was dat de strategie. Spelers opleiden die dankzij de Champions League na één seizoen elders drie, vijf tot zelfs zeven keer meer verdienden. Je moet dat aanvaarden. Vanaf 2018 konden wij onze spelers van het hoogste niveau niet bij ons houden. Waardoor we de Europese standaarden niet meer konden volgen.”
Maar elk jaar vond je de oplossingen om de titel te winnen.
“Dat is heel simpel. Je moet iedereen overtuigen zijn job correct te doen, dagelijks goed te werken. Iedereen moet zich inzetten om de groep elke dag en elke match beter te maken. Het is normaal dat je in een seizoen ups en downs kent – je kan geen tien maanden hetzelfde niveau houden. Maar je moet je spelers blijven overtuigen dat hun carrière beter wordt wanneer het team titels wint.”
Van de vele Belgische spelers herinner ik me hoe je meteen heel lovend sprak over ‘Golden Kid’ Quentin Serron. Uit welke Belgen haalde je het beste?
(lacht) “Vandaag kan ik hem geen Golden Kid meer noemen. Nu is hij vader van twee kinderen. Ik ben zo blij dat Quentin na enkele zware blessures nog steeds profbasketter is. Hij helpt in Limburg jongeren zich goed te ontwikkelen. Er zijn nog meer Belgen die ik nooit zal vergeten. In al die jaren was Pierre-Antoine Gillet hier het langst. Negen kampioenschappen. Vergeet ook niet de vele jaren met Jean Salumu, Khalid Boukichou, Jean-Marc Mwema, Niels Marnegrave, Vincent Kesteloot… Het zou erg zijn iemand te vergeten, want dat wil ik niet. Ze ontwikkelden zich in Oostende en ze verlieten ons op een hoger en beter niveau.”

Op welke Oostendenaars die de club verlieten, ben je het meest trots?
“Dan denk ik aan Matt Lojeski en Levi Randolph, die het hoogste niveau van Europees basket bereikten. En dan denk ik ook aan Tonye Jekiri. Hij kwam hier als een nobody aan, een speler waarin niemand geloofde. Hij trainde hier met tennisballen, voor zijn balgevoel. Vandaag is hij een absolute topper.”
En nooit liet je spelers ontslaan.
“Ik geef iedereen zijn kans, want uiteindelijk koos ik die spelers, ben ik verantwoordelijk voor hun rekrutering. In die veertien jaar hebben we slechts met twee spelers een akkoord gemaakt voor een vertrek, maar eigenlijk was dat vooral op hún vraag. Ruben Nembhard en Michael Gilmore vonden zich niet in ons systeem en dan moet je dat aanvaarden.”
“Die driepunter van Dusan Djordjevic in de laatste seconde van de beslissende finale: de beste film ooit!”
Een klassieke vraag: welk is je mooiste kampioenschap?
“Dat van twee jaar geleden: de driepunter van Dusan Djordjevic in de laatste seconde van de beslissende finale. The best movie ever. De beste film ooit. Ik bracht hem toch in, al kon hij niet meer wandelen, hij vroeg zelfs hem niet uit te lachen. Maar ik wou dat hij zou shotten. Hij deed het. Een persoon die zoveel voor zijn sport gaf, kon zijn carrière niet beter eindigen. Dit was a beauty of all. Op de tweede plaats zet ik onze eerste landstitel, na een jarenlange dominantie van Charleroi, na vijf wedstrijden playoffs, de laatste nog met een verlenging. Als derde noem ik de landstitel van 2024. Ik had Sam Van Rossom overtuigd zijn carrière in Oostende af te ronden. Ik was zo gelukkig voor Sam dat hij dat seizoen de titel, de BNXT-titel en de Supercup won!”
Was de moeilijkste landstitel niet de veertiende? Voor het eerst startte je als derde aan de play-offs.
“Ja, dat kan je wel zeggen. Van begin februari tot 15 april hadden we het al moeilijk. We misten drie maanden Joppe Mennes en Pierre Gillet, verloren enkele spelers… De komst van Caleb Daniels versterkte ons evenwel. Dagelijks trachtte ik hem te overtuigen dat hij na twee moeilijke jaren steeds beter zou worden. In een maand tijd is hij geëxplodeerd.”
Welke waren je droevigste momenten bij Oostende?
“Het overlijden van clubcoördinator Marijke Schaepelinck was een van de droevigste dagen. Zij was leerkracht geweest, ze zorgde in kritieke situaties voor kalmte. En ik had ook nooit assistente Gaëlle Bouzin laten vertrekken, al was ik wel blij met haar nieuwe functie (headcoach van Landstede Hammers, red.) En het vertrek van Xander Pintelon deed ook pijn, we hadden veel tijd in Xander geïnvesteerd.”
Waarom bestaat er geen foto van jou en de trofeeën van je veertien landstitels?
“Ja, ze deden dat wel voor Dusan Djordjevic. Begrijpelijk, hij beëindigde bij Oostende zijn carrière. Maar ik had gezegd dat ik niet langer bij Oostende aan de slag zou blijven… Geen foto dus, een typische ego-reactie. Maar als ze het mij toch zouden vragen: ik poseer met heel mijn hart.”
The post “Geen foto met al mijn trofeeën? Een typische ego-reactie”: bondscoach Gjergja blikt terug op afscheid bij BC Oostende is provided by KW.be.